Minister Bourgeois wijzigt wetgeving over de erediensten

De Vlaamse regering keurde op voorstel van Vlaams minister van Binnenlands Bestuur Geert Bourgeois het voorontwerp van het wijzigend eredienstendecreet goed. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan de beleidsvisie van minister Bourgeois over de toekomst en het verdere goede gebruik en beheer van de Vlaamse parochiekerken. De ontkerkelijking, het soms onvoldoende gebruik van de ongeveer 1.800 parochiekerken en de kostprijs van dit patrimonium voor de Vlaamse steden en gemeenten noodzaken een aangepast beleid en lokaal gedragen initiatieven.

Minister Bourgeois: “Dit voorontwerp van decreet geeft uitvoering aan de conceptnota over de toekomst van de parochiekerken die de Vlaamse regering eerder goedkeurde. Dit beleid is het resultaat van een lang voorbereidingstraject met alle betrokken belanghebbenden: bisschoppen, VVSG, afgevaardigden van kerkfabrieken en centrale kerkbesturen. Ik stel vast dat deze beleidsvisie op vele plaatsen goed wordt onthaald. Met dit voorstel van wijzigend eredienstendecreet wil ik de gemeentebesturen en de kerkbesturen instrumenten aanreiken om beter te kunnen inspelen op de uitdaging om een toekomst te geven aan het patrimonium van de parochiekerken, en op het beheer ervan. ”

Eind september vroeg minister Bourgeois in een brief aan alle colleges van burgemeester en schepenen en aan alle kerkfabrieken en centrale kerkbesturen om een visie uit te werken over de toekomst van de parochiekerken op het gemeentelijk grondgebied. Dit met het oog op de opmaak van de meerjarenplannen 2014-2019 door elke kerkfabriek in de loop van 2013. Het voorontwerp van wijzigend eredienstendecreet, dat de Vlaamse Regering vandaag op zijn voorstel goedkeurde, stimuleert deze beleidsvisie. Wat zijn nu de wijzigingen?

Een grotere rol voor de steden en gemeenten. De Napoleontische wetgeving (= keizerlijk decreet van 30 december 1809) wordt afgeschaft en alle specifieke regelgeving omtrent erediensten komt nu in één omvattend decreet. . De Napoleontische regels die van kracht blijven worden in het nieuwe decreet overgenomen. Zo wordt er niet geraakt aan de principiële verplichting voor de gemeenten om tussen te komen in de exploitatietekorten van de kerkbesturen en in de investeringen: deze verplichting wordt opgenomen in het eredienstendecreet. Wel zullen de gemeentebesturen de meerjarenplannen van de kerkfabrieken niet langer enkel kunnen goedkeuren of niet-goedkeuren. Ze zullen er ook wijzigingen kunnen aanbrengen aan hetgeen in eerder overleg tussen gemeenten en kerkbestuur is besproken. Ook vervalt de verplichting om bij te dragen in investeringen van gebouwen die geen eigendom zijn van de gemeente of de kerkfabriek (dit is ook zo voor de andere erediensten).
Dit bezorgt de gemeentebesturen een grotere slagkracht en verantwoordelijkheid. Bovendien moeten zij, samen met de kerkbesturen en de bisschoppelijke overheden, een lokale visie uitwerken over de toekomst van de het parochiekerkenpatrimonium op hun grondgebied. In de toekomst zal de Vlaamse overheid geen subsidies meer toekennen aan investeringen in parochiekerken waarvoor geen duidelijke toekomstvisie is.

Versterking van de centrale kerkbesturen. Op heden is een centraal kerkbestuur in een gemeente verplicht zodra er 4 kerkfabrieken zijn. Door dit wijzigend decreet zal een centraal kerkbestuur verplicht zijn zodra er meer dan 1 kerkfabriek is (dit is niet zo voor de andere erediensten, waar dit een mogelijkheid, en geen verplichting, is). Op die manier heeft elk gemeentebestuur één enkel aanspreekpunt. Tussen gemeentebestuur en centraal kerkbestuur wordt een afsprakennota opgemaakt over de wijze van samenwerking. Vandaag moet het gemeentebestuur nog met elke kerkfabriek afzonderlijk een afsprakennota maken.
Bovendien krijgen de centrale kerkbesturen een grotere verantwoordelijkheid. Ze vervullen expliciet een coördinerende rol, bijvoorbeeld in de meer omvattende visievorming over het beheer en het gebruik van de gebouwen van de eredienst. Indien de individuele kerkfabrieken dit wensen, kunnen de centrale kerkbesturen voor hen opdrachten uitvoeren: overheidsopdrachten uitschrijven, personeel (bijvoorbeeld kosters) aanstellen en ter beschikking stellen van de kerkfabrieken, … Dit moet efficiëntiewinsten mogelijk maken.
Ten slotte worden ondubbelzinnige regels ingeschreven voor wijzigingen aan bestaande erkenningen van besturen van de eredienst. Dit kan de samenvoeging van 2 of meer besturen van de eredienst faciliteren indien de bisschoppelijke overheid 2 of meer parochies wil samenvoegen. Dit is belangrijk met het oog op het herbestemmingsbeleid.

Dit nieuwe decreet zal dus mijn beleidsoptie naar herbestemming en/of nevenbestemming van parochiekerken faciliteren:
- Lokaal moet in samenspraak met alle betrokkenen een visie worden ontwikkeld omtrent de toekomst voor de parochiekerken;
- In de toekomst zullen geen investeringssubsidies voor kerken meer worden verleend aan besturen die geen visie hebben ontwikkeld;
- De organisatorische wijzigen (de coördinerende rol voor de centrale kerkbesturen, de procedure voor de mogelijke samenvoeging van 2 of meer kerkfabrieken).

Bron: Persberichten Geert Bourgeois
Foto: Wim Strecker

Recent nieuws